Zorgen bij beleggers over ‘waanzinnige’ AI-investeringen techbedrijven

Louise de Graaf

Meta (moederbedrijf van Facebook, Instagram en Whatsapp), Microsoft, Alphabet (moederbedrijf van Google) en Amazon maakten onlangs bekend dat ze dit jaar nog meer gaan investeren in AI (zie afbeelding hieronder). Het gaat bij elkaar opgeteld om een bedrag van 645 miljard dollar, omgerekend ruim 545 miljard euro euro. “Gruwelijk veel geld”, aldus Veenstra. 

“Deze waanzinnige investeringen zijn kennelijk nodig om de AI-race niet te verliezen”, duidt Veenstra het vele geld dat in kunstmatige intelligentie gestoken wordt. Hij zegt dat deze hyperscalers, een verzamelnaam voor grote tech- en cloudbedrijven met veel servercapaciteit (wat nodig is voor AI), elkaar de tent uitvechten om de AI-strijd te winnen. 

Wie wint? 

“De investeringen nemen hand over hand toe, maar niemand weet of ze nodig zijn en wie de winnaar wordt”, aldus Veensta. En juist die onzekerheid leidt tot onrust op de beurs. Beleggers lijken ook twijfels te hebben. Sommigen vinden dat bedrijven te veel geld uitgeven en dus te grote risico’s nemen. 

Zoveel geld staken en steken de grote techbedrijven in AI: 

Zo kondigde Amazon gisteravond aan dat het enorm gaat investeren, waarna een aandeel meer dan tien procent minder waard werd. 

“Bedrijven zeggen dat ze geen keuze hebben”, zegt Veenstra. Volgens hem denken bedrijven dat het risico om niet te investeren groter is dan om wel te investeren. “Maar de risico’s nemen nu wel toe voor de techbedrijven.”

Het vele geld wordt door de techbedrijven gestoken in datacenters, servers en chips, legt RTL Z-techredacteur Wouter van Dijke uit. “Neem het nieuwe datacenter van Microsoft dat in Amsterdam gebouwd wordt: dat kost ongeveer een miljard euro. En wereldwijd worden er honderden van dat soort datacenters neergezet.” 

Zo’n datacenter met servers is nodig voor rekenkracht en opslag van gegevens die AI gebruikt. Het aantal datacenters is afgelopen jaren wereldwijd al flink gegroeid, maar aan de bouwwoede komt voorlopig geen eind, voorspelt Van Dijke. 

De ontwikkeling van de beurskoersen van de vier grote techbedrijven vanaf 1 januari tot en met gisteravond. 

Hier hangt een flink prijskaartje aan. Datacenters verbruiken veel energie en er moet ook grond aangeschaft worden. Daarnaast is de prijs van computergeheugen volgens Van Dijke het afgelopen jaar twee keer over de kop gegaan. 

En daar zit de crux voor beleggers. “De vraag naar rekenkracht neemt nu nog keihard toe, maar wat gebeurt er als die markt verzadigd raakt?”, vraagt Van Dijke zich hardop af. “Het bouwen van een nieuw datacenter duurt jaren, dus als het misgaat zitten deze bedrijven straks met allemaal datacenters waar ze helemaal niks meer aan hebben.”

De techredacteur durft niet te voorspellen welk bedrijf uiteindelijk aan het langste en kortste eind zal trekken. “Soms klinkt het alsof het een soort race is met één winnaar en een heleboel verliezers. Dat is niet zo: al deze bedrijven zullen ongetwijfeld een heleboel geld gaan verdienen aan AI.” 

“Maar ze proberen nu allemaal de grootste te worden met taalmodellen. Het wordt steeds moeilijker om daarin echt onderscheidend te zijn. En dan is het de vraag of en hoe ze die investeringen terug gaan verdienen”, vervolgt hij. 

Gespecialiseerde toepassingen 

Hij ziet daarom dat bijvoorbeeld Google op zoek gaat naar meer gespecialiseerde toepassingen. “In de zorg, in de industrie en voor bepaalde wetenschappelijke onderzoeken bijvoorbeeld.” 

Nederlandse techbedrijven zoals ASML, ASMI en BESI hoeven zich volgens Veenstra geen zorgen te maken. “Deze bedrijven profiteren juist van de investeringen.” Dit komt doordat zij juist weer een cruciale schakel zijn bij de ontwikkeling en fabrikage van chips die techbedrijven dus hard nodig hebben. 

Je kunt ook op het verkeerde been gezet worden door AI. Hieronder zie je waarop je kunt letten: 



Source link

Lees ook deze artikelen

Leave a Comment

Ads - Before Footer